Programma

DeFabrique & Online

Fysiek congres op 9 juni

Online congres vanaf 10 juni

Maakbaarheid van explosieveiligheid

Wij verwelkomen u van harte op ATEX & Process Safety. Tijdens het congres kunt u diverse inspirerende en leerzame sessies bijwonen. Bekijk hier het programma en meld u direct aan!

Jaarcongres ATEX & Process Safety

Ontvangst en registratie

Marit van Bohemen

Marit van Bohemen

Dagvoorzitter

Opening door de dagvoorzitter

John Bruijnen

John Bruijnen

Hydrogen Safety and Explosion Safety Assurance Engineer

Keynote: Risicobewustzijn van de inzet van waterstoftoepassingen

John Bruijnen | Hydrogen Safety and Explosion Safety Assurance Engineer

Explosiegevaarlijke omstandigheden die kunnen resulteren in gas- en stofexplosies komen veelvuldig voor in de industrie. De wetgeving (ATEX) die bedrijven en organisaties een verplichting oplegt om veiligheidsmaatregelen te implementeren moet er voor zorgen dat de veiligheid van werknemers, procesinstallaties en infrastructuur op orde is. Deze wetgeving vertelt echter niet welke technologie moet worden toegepast voor de explosieveiligheid. Alleen dat de risico’s zo goed mogelijk moeten worden bepaald en, indien mogelijk, geminimaliseerd (ALARP). Dit door middel van zonering (hazardous area classification), preventie van de vorming van explosieve mengsels, het vermijden van ontstekingsbronnen en de evaluatie van explosieve volumes. Deze presentatie gaat over de toepassing van risicobeoordeling van waterstoftoepassingen en een van de verbeterde methodes om hier inzicht in te verkrijgen middels de inzet van CFD.

Tom Molkens

Tom Molkens

Explosion Safety Consultant bij ISMA

Break-out 1A: Explosiecompartimentering in de praktijk

Tom Molkens |Explosion Safety Consultant | ISMA

Indien een installatie wordt uitgerust met explosiebeveiliging, eist ATEX 153 dat explosiepropagatie wordt onderzocht via alle in- en uitlaten.De praktijk leert dat isolatiemaatregelen vaak wel worden geplaatst maar door een gebrek aan goede opvolging (bijv. door periodieke controle) de effectiviteit van deze maatregel niet meer gegarandeerd kan worden. Om de opvolging van deze maatregelen beheersbaar te maken, is het aanbevolen om de isolatiemaatregelen zo eenvoudig mogelijk te houden. Een goede optie is om procesmatige maatregelen toe te passen. Dit houdt in dat vlampropagatie en explosiepropagatie kan voorkomen worden door de installatie en het proces zelf. In deze presentatie krijgt u enkele praktische voorbeelden van procesmatige maatregelen om explosiepropagatie te voorkomen. Deze procesmatige maatregelen worden getoetst aan effectiviteit en betrouwbaarheid. Tevens wordt er inzicht gegeven in de nieuwe, nog niet gepubliceerde, technische richtlijn CEN/TR 17838 in verband met het toepassen van procesmatige compartimenteringsmaatregelen.

ISMA
Jerry Matena

Jerry Matena

Key Account Manager bij Cable Connectivity Group

Break-out 1B: ATEX-applicaties, waar moet uw kabel aan voldoen

Jerry Matena | Key Account Manager | Cable Connectivity Group (CCG)

U heeft een ATEX-applicatie maar waar moet uw kabel aan voldoen? In deze sessie bespreken wij waar uw kabel ten minste aan moet voldoen. Wij geven u inzicht in de constructie, de materialen die gebruikt worden en de minimale vereiste lengte. Welke norm is daar nu precies voor, waar precies staat dit in de norm en wat beschrijft deze exact? Wat zijn intrinsiek veilige kabels en wat zijn algemene eisen?

Jaarcongres ATEX & Process Safety

Ochtendpauze op het netwerkplein

Stefan Platteschorre

Stefan Platteschorre

Head of Maintenance bij Maasvlakte Olie Terminal

Arno Mensink

Arno Mensink

Specialist Chemische Veiligheid bij Nederlandse Arbeidsinspectie

Gerdian Jansen

Gerdian Jansen

ATEX-specialist, Lid diverse normcommissies

Keynote: Gebruik van niet EX mobiele apparatuur in explosiegevaarlijk gebied: wetgeving, normering, praktijk en handhaving

Stefan Platteschorre, Maasvlakte Olie Terminal | Arno Mensink, Nederlandse Arbeidsinspectie | Gerdian Jansen, ATEX-specialist en lid van diverse Normcommissies

Met ingang van 1 februari 2020 is de tekst van artikel 3.5e onderdeel e. van het Arbeidsomstandighedenbesluit anders geformuleerd. Voor het gebruik van mobiele apparatuur in gevarenzones heeft de Nederlandse Arbeidsinspectie een gerichte wijze van toezicht opgesteld. Om duidelijkheid te bieden aan de herformulering is door een werkgroep van het ATEX 153 platform de Nederlandse Technische Afspraak NTA 7914 opgesteld. De NTA 7914 heeft een openbare commentaarronde gehad die tot 1 april 2022 liep waarbij eventuele commentaren bij het NEN konden worden ingediend. De definitieve versie van de NTA 7914 wordt in Q3 2022 verwacht.

In deze interactieve sessie zal Gerdian Jansen als lid van de werkgroep een korte toelichting geven op de herformulering van artikel 3.5e onderdeel e. van het Arbeidsomstandighedenbesluit en de doelstellingen en werkwijze van de NTA 7914. Stefan Platteschorre van Maasvlakte Olie Terminal zal aansluitend aan de hand van voorbeelden laten zien hoe Maasvlakte Olie Terminal de NTA 7914 toepast. Tot slot zal Arno Mensink van de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) een toelichting geven op de wijze van toezicht door de inspecteurs van de Arbeidsinspectie.

Maasvlakte Olie Terminal

Lunchpauze op het netwerkplein

Albert Schuiling

Albert Schuiling

Zelfstandig elektrotechnisch- en ATEX specialist

Keynote: Verborgen ontstekingsbronnen in beeld

Albert Schuiling | ZELFSTANDIG ELEKTROTECHNISCH- EN ATEX SPECIALIST

Nu er in de markt steeds nauwkeuriger wordt gezoneerd is het voor de beheersing van het explosierisico van groot belang dat alle ontstekingsbronnen in de zones goed in beeld zijn. In de dagelijkse praktijk zijn daarin vaak tekortkomingen en blijkt het temeer een complex onderwerp. In deze laagdrempelige sessie komen aan de hand van een aantal praktijkvoorbeelden een aantal ontstekingsbronnen aan bod die in de praktijk zomaar te missen zijn. Met behulp van een praktijkopstelling laat Albert onder andere lagervonken ten gevolge van common-mode-stromen in een ATEX-motor zien. Dit ter illustratie van het belang van een goede en volledige ontstekingsanalyse.

Arjan Kroon

Arjan Kroon

Consultant Process Safety bij Kader

Break-out 2A: De zwakste schakel

Arjan Kroon | Consultant Process Safety | Kader Consultancy & Interim

Instrumentele beveiligingen conform de SIL-methodiek zijn alleen SIL-waardig wanneer aan alle eisen van de norm (NEN-EN-IEC61511) wordt voldaan. Dikwijls wordt (on)bewust vergeten dat deze eisen meer omvatten dan alleen een verificatieberekening op basis van de faaldata. Een belangrijke eis is het beheer van functionele veiligheid (Functional Safety Management (FSM)). Dit zorgt voor de kwaliteitsborging van het ontwerp tot en met de operationele- en onderhoudsfase. De zwakste schakel gaat hierop in.

partner ATEX & Process Safety
Yves Degroote

Yves Degroote

ATEX Product Manager bij Dynaco Europe

Gudo Helming

Gudo Helming

Equipment Accountmanager bij Nassau Door

Break-out 2B: Het proces van certificering van een ATEX-snelroldeur

Yves Degroote | ATEX Product Manager | Dynaco Europe & Gudo Helming | Equipment Accountmanager | Nassau Door

Het gebruik van deuren in potentieel explosieve omgevingen, zoals magazijnen voor gas en oplosmiddelen of silo’s, stelt bijzondere eisen aan de veiligheid. Hoe ga je te werk wanneer je een elektrisch bediende deur moet plaatsen in zo’n explosiegevaarlijke omgeving en waar moet een preventieadviseur op letten om een gepast advies te kunnen geven. In deze presentatie wordt onder andere toegelicht hoe Dynaco in aanraking is gekomen met ATEX en hoe zij het aangepakt hebben om een ATEX-snelroldeur als samenstel te laten certificeren. Waarom is dit van belang? Wat is de toegevoegde waarde? Wat (en hoe) kunt u als producent, maar ook als gebruiker, van ATEX-apparatuur hier van leren?

Dynaco
Rolf van Dijk

Rolf van Dijk

Process Safety & ATEX Specialist

René Ubbink

René Ubbink

Process Safety & ATEX Specialist

Break-out 2C: Verantwoord zoneren en dezoneren

Rolf van Dijk en René Ubbink | Process Safety & ATEX specialisten

Vanuit de Europese richtlijn ATEX 153 zijn werkgevers wettelijk verplicht om een ATEX zonering aan te geven in gebieden waar explosieve stoffen aanwezig zijn. Deze zone-indeling dient worden opgenomen in het explosieveiligheidsdocument. Het explosierisico wordt vastgesteld op basis van een risico inventarisatie en -evaluatie. Hiermee wordt de link gelegd met de ATEX 114 richtlijn. De ATEX 114 goedgekeurde apparatuur is onderverdeeld in categorieën, die aangeeft in welke zones deze mag worden toegepast, zodat deze apparatuur een explosieve atmosfeer niet kan ontsteken. Maar wanneer ben je nu verstandig aan het zoneren? Of aan het dezoneren? Aan de hand van een aantal praktijkvoorbeelden en stellingen gaan Rolf van Dijk en René Ubbink met u in gesprek over het zoneren en dezoneren van explosiegevaarlijk gebied. Hierbij zal uiteraard ook gekeken worden naar de NTA 7914.

Middagpauze op het netwerkplein

Kees de Kraker

Kees de Kraker

Specialist Procesveiligheid bij Nederlandse Arbeidsinspectie

Keynote: Beschermingswijzen tegen ontsteken, een ontluisterend beeld uit de inspectiepraktijk

Kees de Kraker | Specialist Procesveiligheid bij de Nederlandse Arbeidsinspectie

Het beschermen tegen het ontsteken van een explosieve atmosfeer, lijkt op het eerste gezicht niet bijster ingewikkeld. Toch blijkt in praktijk een behoorlijk aantal explosieveilige apparaten niet te beschermen tegen het ontsteken van een explosieve atmosfeer. Het vervallen van beschermingswijzen door onder meer ondeskundig onderhoud en gebruik wordt met regelmaat aangetroffen door inspecteurs van de Nederlandse arbeidsinspectie. Daarnaast eisen omgevingsinvloeden een tol van explosieveilige apparatuur. Zonde, want alle moeite om het risico op ontsteken te beheersen kan hiermee teniet worden gedaan. Onderzoek laat zien dat kennis en deskundigheid bij gebruikers over beschermingswijzen tegen ontsteken veelal tekort schiet en continu toezicht wordt verkozen boven gerichte inspectieprogramma’s. Ontdek tot welke risico’s dit kan leiden en hoe gerichte aandacht kan bijdragen aan het in standhouden van de beschermingswijze tegen ontsteken.

Gerard Zwetsloot

Gerard Zwetsloot

Zelfstandig onderzoeker en adviseur en voormalig hoogleraar health and safety management

Keynote: Proactieve veiligheid: consequenties voor managementsystemen, leiderschap, cultuur en indicatoren

Gerard Zwetsloot | Zelfstandig onderzoeker en adviseur en voormalig hoogleraar Health & Safety Management

Proactieve veiligheid ontwikkelen: dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Het vereist visie (Vision Zero?), leiderschap en soms het afstappen van vertrouwde gewoonten. Wat betekent dit voor (de aansturing van) de managementsystemen en de cultuur, bijvoorbeeld binnen BRZO-bedrijven? Hoe realiseren we de gewenste veranderingen? Hoe belangrijk is psychologische veiligheid? Wat kunnen we met proactieve leidende indicatoren?

Netwerkborrel

Willem Schimmel

Willem Schimmel

Project Manager Riskcontrol / ATEX & Machine Safety

Paul van Liempt

Paul van Liempt

Journalist, interviewer, schrijver en dagvoorzitter

Vraaggesprek: Waarom het soms beter is om de Europese normen te hanteren en niet de Nederlandse praktijkrichtlijnen

Willem Schimmel | Project Manager Riskcontrol / ATEX & Machine Safety | Bureau Veritas

Paul van Liempt gaat in gesprek met Willem Schimmel van Bureau Veritas over waarom zij bij het opstellen van explosieveiligheidsdocumenten bij voorkeur de Europese normen (EN-IEC 60079-10-1/-2) en niet de Nederlandse praktijkrichtlijnen (NPR 7910-1/-2) hanteert. In veel gevallen kan de NPR een handig en relatief eenvoudig hulpmiddel zijn voor het opstellen van gevarenzones. Echter, er bestaat een risico dat u een te zware/grote gevarenzone inricht met aanzienlijk meer gevolgkosten dan werkelijk noodzakelijk is. Nog los van het onbegrip en lacune dat op de werkvloer kan ontstaan als de klasse en/of omvang van de gevarenzone niet in lijn is met de perceptie op de werkvloer.

partner ATEX & Process Safety
Bas van den Bogerd

Bas van den Bogerd

Business Development Director bij JOA Air Solutions

Paul van Liempt

Paul van Liempt

Journalist, interviewer, schrijver en dagvoorzitter

Vraaggesprek: Explosiegevaarlijke situaties en luchttechnische modelleringen

Bas van den Bogerd | Business Development Director | JOA Air Solutions

In dit vraaggesprek praten Paul van Liempt en Bas van den Bogerd, Business Development Director bij JOA Air Solutions. Zij komen onder andere te spreken over hoe goede luchttechnische modelleringen kunnen helpen bij het in kaart brengen van explosiegevaarlijke situaties teneinde deze op te lossen, met name bij de wat grotere sites met complexe problemen. Hoe dragen deze modelleringen – in tegenstelling tot het allemaal maar ‘quick & dirty’ doen – bij aan de explosieveiligheid? Maar ook aan het, op een verantwoorde manier, verkleinen van ex-zones? De crux zit hier in het echt goed begrijpen van het productieproces en de knelpunten goed inzichtelijk te krijgen. Dit is van belang, maar ook vaak een uitdaging.

Casper Wassink

Casper Wassink

voorzitter van Vereniging KINT

Paul van Liempt

Paul van Liempt

Journalist, interviewer, schrijver en dagvoorzitter

Vraaggesprek: Het gebruik van apparatuur voor niet-destructief onderzoek in ATEX-gevarenzones

Casper Wassink | Voorzitter | Vereniging KINT

Paul van Liempt gaat in gesprek met Casper Wassink, voorzitter van de Nederlandse vereniging voor Niet-Destructief Onderzoek (KINT) over de problematiek rondom het gebruik van apparatuur voor niet-destructief onderzoek in ATEX-gevarenzones. Begin 2020 is het Arbobesluit gewijzigd. Onder meer de ATEX-paragraaf uit het Arbobesluit is toen gewijzigd. Deze wijziging heeft in het bijzonder invloed op het gebruik van mobiele apparatuur in ATEX-gevarenzones, omdat de wijziging tot gevolg heeft gehad dat het gebruik van alternatieve maatregelen, anders dan het toepassen van explosieveilig materieel, niet langer mogelijk is.

Voor de uitvoering van Niet-Destructief Onderzoek in de procesindustrie en tankopslag heeft dit besluit grote gevolgen. Door de grote complexiteit van NDO-apparatuur, die op hetzelfde niveau ligt als medische apparatuur, en de grote veelheid van onderzoekstechnieken is voor een groot aantal toepassingen geen ATEX-gecertificeerd apparaat beschikbaar. Tot nu toe werd dan onder een hot work-permit gewerkt, maar dat is een aantal keren betwist.

KINT inventariseert met dienstverleners, eindgebruikers en apparatuur leveranciers welke kennis ontbreek over tijdelijk gebruik van niet-ATEX gecertificeerde NDO-apparaten in gevaarlijk gebied, en zal deze kennis inbrengen in eigen richtlijnen en in NTA 7914.

Gerdian Jansen

Gerdian Jansen

ATEX-specialist, Lid diverse normcommissies

Roundtable: NTA7914, tijdelijk gebruik van niet-ATEX apparaten in explosiegevaarlijk gebied

Gerdian Jansen | ATEX-specialist en lid diverse NEN-normcommissies

De wijziging van de Arbeidsomstandighedenwetgeving is inmiddels officieel. En in artikel 3.5e is ‘geen andere eisen’ vervangen door ‘geen aanvullende eisen’. De wetswijziging zorgt voor veel onrust in de praktijk omdat het lijkt alsof er strengere eisen gesteld worden aan het (tijdelijk) gebruik van niet explosieveilig materieel. De Nederlands Technische Afspraak (NTA 7914) probeert, binnen het kader van de toepasselijke Nederlandse Arbeidsomstandighedenwetgeving, duidelijkheid te bieden met betrekking tot het tijdelijk toepassen van dergelijke niet-ATEX apparatuur, om daarmee zoveel mogelijk discussies met betrekking tot “redelijkheid” en “mogelijkheid” te vermijden. Daarbij wordt uitgegaan van de beheersing van de risico’s zoals die bij de ATEX 153-plichtige bedrijven wordt toegepast. Tijdens deze live roundtable zal Gerdian Jansen u uitgebreid informeren over het tijdelijk gebruik van niet-EX apparaten in gevaarlijk gebied. Deze interactieve sessie is toegankelijk voor ongeveer 15 deelnemers, waarin iedereen wordt gevraagd om actief deel te nemen aan het gesprek door ervaringen en uitdagingen te delen om zo van elkaar te leren.

Chris Schiepers

Chris Schiepers

HSE en ATEX specialist

Bert van der Made

Bert van der Made

HSE en ATEX specialist

Roundtable: ATEX Life Cycle Management

Chris Schiepers | HSE en ATEX specialist | Bert van der Made | HSE en ATEX specialist

Wellicht herkenbaar: ondanks de vele aandacht voor het aanwijzen van gevaarlijke gebieden en het bestellen van het juiste Ex-materieel, worden tijdens installatie of na verloop van tijd afwijkingen geconstateerd tijdens het gebruik, onderhoud, vervangingen en wijzigingen. Ineens blijken ATEX-spullen niet meer zo ATEX te zijn. En dat terwijl de Europese ATEX-richtlijnen en onderliggende geharmoniseerde standaarden bol staan van de eisen en handvatten en we compliance met zijn allen zo belangrijk vinden. Helaas zien we dit veel in de praktijk. Hoe weten we nu zeker dat deze apparatuur na installatie voldoet en, net zo belangrijk, blijft voldoen gedurende de levenscyclus? Dat is waar ATEX life cycle management om draait. Tijdens deze digital round table willen we graag met jullie in gesprek over de uitdagingen tijdens installatie, afname, inspectie, onderhoud, wijzigingen en gebruik van ATEX-apparatuur. Waar liggen de pijnpunten? Hoe gaan jullie hiermee om? Zijn er handige en effectieve oplossingen? Deze sessie is voor iedereen die zijn of haar ervaringen betreffende dit onderwerp wil delen of simpelweg meer wil weten!

Gerard Zwetsloot

Gerard Zwetsloot

Zelfstandig onderzoeker en adviseur en voormalig hoogleraar health and safety management

Roundtable: Proactieve veiligheid, consequenties voor managementsystemen, leiderschap, cultuur en indicatoren

Gerard Zwetsloot | Zelfstandig onderzoeker en adviseur en voormalig hoogleraar Health & Safety Management

Proactieve veiligheid ontwikkelen. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Het vereist visie (Vision Zero?), leiderschap en soms het afstappen van vertrouwde gewoonten. Wat betekent dit voor (de aansturing van) de managementsystemen en de cultuur, bijvoorbeeld binnen BRZO-bedrijven? Tijdens deze live roundtable gaat Gerard Zwetsloot uitgebreid met u in gesprek over hoe de gewenste (cultuur)veranderingen te realiseren zijn en over de vraag hoe belangrijk psychologische veiligheid is. En wat kunnen we met proactieve leidende indicatoren? Deze interactieve sessie is toegankelijk voor ongeveer 15 deelnemers, waarin iedereen wordt gevraagd om actief deel te nemen aan het gesprek door ervaringen en uitdagingen te delen om zo van elkaar te leren.

Er volgen binnenkort meer sessies

Meld u vandaag nog aan voor ATEX & Process Safety 2022!

Gratis aanmelden

Blijf op de hoogte!

Mis geen enkele congresupdate en meld u aan voor onze nieuwsbrief!